Indien Onze Minister overeenkomstig artikel 6 van het Wrakopruimingsverdrag heeft vastgesteld dat een wrak een gevaar vormt:
stelt hij in een beschikking een redelijke termijn binnen welke de geregistreerde eigenaar het wrak moet opruimen, rekening houdend met de aard van het vastgestelde gevaar;
vermeldt hij bij de bekendmaking van de beschikking met de door hem gestelde termijn, dat hij het wrak overeenkomstig artikel 49l en artikel 8:615 van het Burgerlijk Wetboek BES voor rekening van de geregistreerde eigenaar kan doen opruimen, indien de geregistreerde eigenaar verzuimt het wrak binnen die termijn op te ruimen en
stelt hij de geregistreerde eigenaar schriftelijk ervan in kennis dat hij voornemens is onmiddellijk op te treden indien het gevaar bijzonder groot wordt.
Hoofdstuk 4 › § 4.6 › Onderdeel 4.6.4
Artikel 49i
Artikel 49i
Onderdeel van Wet maritiem beheer BES· Ruimtelijke ordening en milieu
Deze tekst geldt sinds 1 januari 2018