Hij die opzettelijk en wederrechtelijk identificerende persoonsgegevens, niet zijnde biometrische persoonsgegevens, van een ander gebruikt met het oogmerk om zijn identiteit te verhelen of de identiteit van de ander te verhelen of misbruiken, waardoor uit dat gebruik enig nadeel kan ontstaan, wordt gestraft met een gevangenisstraf van ten hoogste vijf jaren of geldboete van de vijfde categorie.
boek Tweede › Titel XII
Artikel 236b
Artikel 236b
Onderdeel van Wetboek van Strafrecht BES· Strafrecht
Deze tekst geldt sinds 1 mei 2014