- **1.** Onder identiteitsdocument, als bedoeld in artikel 1, wordt verstaan:
- - **a.** een geldige identiteitskaart als bedoeld in de Wet identiteitskaarten BES; of
- - **b.** een geldig reisdocument, als bedoeld in artikel 2, eerste lid, van de Paspoortwet (Stb. 1991, 498); of
- - **c.** een geldig rijbewijs, als bedoeld in de wegenverkeerswetgeving van Bonaire, Sint Eustatius en Saba; of
- - **d.** de documenten, waarover een vreemdeling ingevolge de Wet toelating en uitzetting BES moet beschikken ter vaststelling van zijn identiteit, nationaliteit en verblijfsrechtelijke positie; of
- - **e.** het door de Minister van Justitie vastgestelde identiteitsdocument, dat betrekking heeft op de minderjarige, die ingevolge de Wet identiteitskaarten BES niet verplicht is om in het bezit te zijn van een identiteitskaart.
- **2.** Onze Minister van Justitie kan, al dan niet voor een bepaald tijdvak, andere dan de in het eerste lid bedoelde documenten aanwijzen ter vaststelling van de identiteit van personen.
Artikel 2 Wet identificatieplicht BES
Onderdeel van Wet identificatieplicht BES· Openbare orde en veiligheidsrecht
Deze tekst geldt sinds 10 oktober 2010
Bewaren kan ook zonder account
Verwijzingen
Houd art. 2 bij de hand
Met een gratis account kun je dit artikel bewaren, tekst markeren en jezelf overhoren. Dat werkt op je laptop en op je telefoon.
- Geen reclame
- Je markeringen blijven van jou
- Werkt op je telefoon