Naar hoofdinhoud

Artikel 8

Artikel 8

Onderdeel van Rijksbesluit rechtsopvolging burgerlijke rechten en verplichtingen Nederlandse Antillen· Staats- en bestuursrecht

Deze tekst geldt sinds 10 oktober 2010

1. Alle rechten en verplichtingen naar burgerlijk recht van de in het tweede lid genoemde, bij landsverordening van de Nederlandse Antillen ingestelde, rechtspersonen gaan op het tijdstip van transitie over op de door Curaçao in te stellen of aan te wijzen rechtsopvolgers van de desbetreffende rechtspersonen, zonder dat daarvoor een nadere akte wordt gevorderd. 2. De in het eerste lid bedoelde rechtspersonen zijn: de Postspaarbank; de Universiteit van de Nederlandse Antillen; het Bureau Telecommunicatie en Post; het Algemeen Pensioenfonds van de Nederlandse Antillen het werkliedenpensioenfonds. 3. Voor zover op het tijdstip van transitie nog geen rechtsopvolgers zijn aangewezen voor een of meer van de in het tweede lid genoemde rechtspersonen gaan alle rechten en verplichtingen naar burgerlijk recht van de desbetreffende rechtspersonen op het tijdstip van transitie over op het land Curaçao. 4. Alle rechten en verplichtingen naar burgerlijk recht van de Bank van de Nederlandse Antillen gaan op het tijdstip van transitie over op de Centrale Bank van Curaçao en Sint Maarten, zonder dat daarvoor een nadere akte wordt gevorderd. 5. Artikel 7, eerste en tweede lid, is van overeenkomstige toepassing. 6. Indien op het tijdstip van transitie een in het tweede of vierde lid genoemde rechtspersoon als partij betrokken is bij een geschil of rechtsgeding ter zake van rechten of verplichtingen als bedoeld in het eerste lid, treedt met ingang van het tijdstip van transitie de rechtsopvolger van die rechtspersoon in zijn plaats. Treedt in werking op het tijdstip waarop artikel I, derde lid, van de Rijkswet wijziging Statuut in verband met de opheffing van de Nederlandse Antillen in werking treedt.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel