Onze Minister is verplicht, indien hij bij de uitvoering van dit besluit het gegronde vermoeden krijgt van een misdrijf dat is gepleegd ten nadele van een Nederlands of buitenlands uitvoeringsorgaan van de sociale verzekeringswetten of van een Nederlands of buitenlands overheidsorgaan, voor zover dit is belast met het verrichten van uitkeringen, het doen van verstrekkingen dan wel het heffen van bijdragen, het betrokken orgaan hiervan in kennis te stellen.
Treedt in werking op het tijdstip waarop artikel I, tweede lid, van de
Rijkswet wijziging Statuut in verband met de opheffing van de Nederlandse
Antillen in werking treedt.
Hoofdstuk 6 › § 6.5
Artikel 39
Vermoeden misdrijf
Onderdeel van Besluit onderstand BES· Staats- en bestuursrecht
Deze tekst geldt sinds 10 oktober 2010