Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk X

Artikel 36

Artikel 36

Onderdeel van Wet beginselen gevangeniswezen BES· Strafrecht

Deze tekst geldt sinds 10 oktober 2010

1. In de gestichten of afdelingen van de gestichten kunnen door de direkteur, of bij zijn afwezigheid, belet of ontstentenis door zijn plaatsvervanger, de navolgende disciplinaire straffen worden opgelegd wegens het begaan van feiten, die onverenigbaar zijn met een goede orde en tucht: opsluiting in de strafcel; onthouding van bezoek, van het schrijven of ontvangen van brieven of beperking van andere rechten en gunsten; geldboete tot een bedrag van ten hoogste het zakgeld van de gedetineerde over twee weken; berisping. 2. De straf, bedoeld in het eerste lid, onderdeel a, kan voor ten hoogste twee weken, en die, bedoeld in het eerste lid, onderdeel b, voor ten hoogste vier weken, worden opgelegd. Zij kunnen tezamen worden opgelegd. Treedt in werking om 00.00 uur in Bonaire, Sint Eustatius en Saba en om 06.00 uur in het Europese deel van het Koninkrijk.

Rechtspraak bij dit artikel