**1.** Indien de Rijksvertegenwoordiger voor de uitoefening van zijn functie voor vervoer binnen het openbaar lichaam waar hij gezeteld is regelmatig zakelijk gebruik maakt van een eigen personenauto, heeft hij daarvoor aanspraak op een vaste vergoeding of een vergoeding op basis van het jaarlijks per eigen personenauto afgelegde aantal kilometers.
**2.** De vaste vergoeding, bedoeld in het eerste lid, bedraagt per maand:
€ 64,75 in de openbare lichamen Sint Eustatius en Saba;
€ 166,50 in het openbaar lichaam Bonaire.
**3.** De vergoeding op basis van het jaarlijks per eigen personenauto afgelegde aantal kilometers, bedoeld in het eerste lid, is gelijk aan het product van het aantal kilometers en een bedrag per afgelegde kilometer, dat gelijk is aan het bedrag, waarop ambtenaren die krachtens een arbeidsovereenkomst met de Staat werkzaam zijn, op grond van de voor hen laatstelijk afgesloten collectieve arbeidsovereenkomst recht hebben als vergoeding per afgelegde kilometer voor een binnenlandse dienstreis met eigen vervoer, in het geval de werkgever heeft bepaald dat het niet praktisch is de dienstreis met openbaar vervoer te maken. Het aantal kilometers dat maximaal kan worden gedeclareerd bedraagt per jaar:
2100 in de openbare lichamen Sint Eustatius en Saba;
5400 in het openbaar lichaam Bonaire.
**4.** Indien de Rijksvertegenwoordiger voor de uitoefening van de functie binnen het openbaar lichaam waar hij gezeteld is geen aanspraak maakt op de vergoeding, bedoeld in het eerste lid, ontvangt hij de kosten voor het gebruik van het volgens dienstregeling functionerend openbaar vervoer.
Artikel 4
Artikel 4
Onderdeel van Regeling rechtspositie Rijksvertegenwoordiger BES· Staats- en bestuursrecht
Deze tekst geldt sinds 1 januari 2020