**1.** Het bevoegd gezag kan toestaan, dat een ambtenaar in enig kalenderjaar meer uren vakantie opneemt dan zijn aanspraak tot en met het lopende jaar bedraagt, met dien verstande, dat de opgenomen vakantie de aanspraak tot en met het lopende jaar nooit met meer dan 36 uren mag overschrijden.
**2.** Voor de ambtenaar voor wie de geldende werktijd korter is dan de gebruikelijke volledige werktijd, wordt het in het eerste lid genoemde aantal uren vermenigvuldigd met de voor de ambtenaar geldende arbeidsduurfactor.
**3.** De in een kalenderjaar te veel genoten vakantie wordt in mindering gebracht op de aanspraak op de vakantie-uren waarop betrokkene op grond van artikel 5 aanspraak heeft over het eerstvolgende kalenderjaar.
**4.** Indien op de dag van zijn ontslag blijkt, dat de ambtenaar te veel vakantie heeft genoten, is hij voor ieder uur teveel genoten vakantie een bedrag verschuldigd ten bedrage van de bezoldiging per uur.
**5.** Artikel 10, vierde lid, is van overeenkomstige toepassing.
Hoofdstuk II
Artikel 15
Artikel 15
Onderdeel van Besluit vakantie en vrijstelling van dienst ambtenaren BES· Arbeidsrecht en sociaal-zekerheidsrecht
Deze tekst geldt sinds 7 juli 2023