Naar hoofdinhoud

Titel IV › Hoofdstuk Eerste › § 3

Artikel 120

Artikel 120

Onderdeel van Wet ambtenarenrechtspraak 1951 BES· Procesrecht

Deze tekst geldt sinds 10 oktober 2010

1. De zitting wordt door de voorzitter geopend, geleid en gesloten. Hij handhaaft de orde op de zitting. 2. Het ondervragen en het horen van partijen, getuigen en deskundigen, alsmede de beëdiging geschieden door de voorzitter. Hij stelt de overige leden van de raad in de gelegenheid bedoelde personen vragen te stellen. 3. Het stellen van vragen door de partij aan de tegenpartij, of aan getuigen en deskundigen geschiedt door tussenkomst van de voorzitter. Hij verleent partijen op haar verzoek het woord. 4. Alle beslissingen van de raad in de loop of na de beëindiging van het onderzoek worden door de voorzitter uitgesproken of ter zitting aan partijen medegedeeld. 5. Het proces-verbaal van het behandelde ter zitting wordt door de voorzitter en de griffier die op de zitting dienst gedaan heeft, ondertekend. Bij verhindering van een hunner wordt de reden daarvan in het proces-verbaal vermeld en wordt, voor zoveel de voorzitter betreft, het proces-verbaal ondertekend door een der leden die over de zaak gezeten hebben, naar rang van benoeming. Treedt in werking om 00.00 uur in Bonaire, Sint Eustatius en Saba en om 06.00 uur in het Europese deel van het Koninkrijk.

Rechtspraak bij dit artikel