Naar hoofdinhoud

Boek Vijfde › Titel III

Artikel 300

Artikel 300

Onderdeel van Wetboek van Strafvordering BES· Procesrecht

Deze tekst geldt sinds 10 oktober 2010

1. Op straffe van nietigheid moet tussen de dag waarop de dagvaarding aan de verdachte is betekend, en die van de terechtzitting een termijn van ten minste zeven dagen verlopen. Wanneer de verdachte in een ander eilandgebied wordt gedagvaard dan waar de rechter zitting houdt, wordt de termijn van dagvaarding met zeven dagen verlengd. De termijn bedraagt ten minste zes weken, indien de verdachte in het buitenland woonachtig is. Artikel 290, tweede, derde en vierde lid, is van toepassing. 2. Artikel 288 is van overeenkomstige toepassing, met dien verstande dat bij kennisgeving de benadeelde partij tevens opmerkzaam wordt gemaakt op de voorschriften van artikel 374, en dat de kennisgeving steeds geschiedt aan de benadeelde partij die zich in eerste aanleg in het geding heeft gevoegd. Treedt in werking om 00.00 uur in Bonaire, Sint Eustatius en Saba en om 06.00 uur in het Europese deel van het Koninkrijk.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel