Naar hoofdinhoud

Boek Vijfde › Titel IV › Afdeling Tweede

Artikel 323

Artikel 323

Onderdeel van Wetboek van Strafvordering BES· Procesrecht

Deze tekst geldt sinds 10 oktober 2010

1. De voorzitter vraagt de getuige naar naam en voornamen, leeftijd, beroep en woon- en verblijfplaats; of hij bloed- of aanverwant is van de verdachte, en, zo ja, in welke graad. 2. De voorzitter beëdigt daarna de getuige. Artikel 250, tweede lid, betreffende de vervanging van de beëdiging door een aanmaning, is van overeenkomstige toepassing. 3. Met betrekking tot het verhoren van de getuige en diens recht van verschoning vinden de artikelen 251 tot en met 254 toepassing. Treedt in werking om 00.00 uur in Bonaire, Sint Eustatius en Saba en om 06.00 uur in het Europese deel van het Koninkrijk.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel