Naar hoofdinhoud

Boek Vijfde › Titel IV › Afdeling Vierde

Artikel 385

Artikel 385

Onderdeel van Wetboek van Strafvordering BES· Procesrecht

Deze tekst geldt sinds 10 oktober 2010

1. Onder verklaring van een getuige wordt verstaan, zijn bij het onderzoek op de terechtzitting gedane mededeling van feiten of omstandigheden, die hij zelf waargenomen of ondervonden heeft. 2. De verklaring van een getuige wiens identiteit niet blijkt, kan niet meewerken tot het bewijs dat de verdachte het tenlastegelegde feit heeft begaan, behoudens ingeval de getuige met toepassing van het vierde lid van artikel 261 is verhoord. 3. Het bewijs dat de verdachte het tenlastegelegde feit heeft begaan, kan door de rechter niet uitsluitend worden aangenomen op de verklaring van slechts één getuige. 4. Verklaringen van getuigen, die overeenkomstig het bepaalde in artikel 261 zijn verhoord, mogen alleen dan als bewijsmateriaal worden gebezigd, indien belangrijke steun aan ander gebezigd bewijsmateriaal kan worden ontleend. Treedt in werking om 00.00 uur in Bonaire, Sint Eustatius en Saba en om 06.00 uur in het Europese deel van het Koninkrijk.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel