Naar hoofdinhoud

Artikel 31

Artikel 31

Onderdeel van Pensioenwet BES· Arbeidsrecht en sociaal-zekerheidsrecht

Deze tekst geldt sinds 10 oktober 2010

1. De vrouw met wie een gewezen deelnemer aan een pensioenregeling welke wordt uitgevoerd door een ondernemingspensioenfonds op 31 maart 1985 is gehuwd, verkrijgt in geval van beëindiging van het huwelijk door echtscheiding of ontbinding na scheiding van tafel en bed, een zodanige premievrije aanspraak op weduwenpensioen als de gewezen deelnemer heeft behouden bij het eindigen van zijn deelneming; iedere andere aanspraak op weduwenpensioen welke uit de deelneming aan de pensioenregeling zou kunnen voortvloeien, vervalt. De vrouw ontvangt op haar verzoek een bewijs van haar aanspraak. Het vierde lid van artikel 8 van deze wet is van overeenkomstige toepassing. 2. De vrouw met wie een gepensioneerde die deelnam aan een pensioenregeling welke wordt uitgevoerd door een ondernemingspensioenfonds op 31 maart 1985 is gehuwd, verkrijgt in geval van beëindiging van het huwelijk door echtscheiding of ontbinding na scheiding van tafel en bed, een zodanige premievrije aanspraak op weduwenpensioen als de gepensioneerde heeft behouden bij het ingaan van het ouderdomspensioen; iedere andere aanspraak op weduwenpensioen welke uit de deelneming aan de pensioenregeling zou kunnen voortvloeien, vervalt. De vrouw ontvangt op haar verzoek een bewijs van haar aanspraak. Het vierde lid van artikel 8 van deze wet is van overeenkomstige toepassing. 3. De vrouw met wie een gewezen deelnemer aan een pensioenregeling welke wordt uitgevoerd door een bedrijfstakpensioenfonds of verzekeraar op de transitiedatum is gehuwd, verkrijgt in geval van beëindiging van het huwelijk door echtscheiding of ontbinding na scheiding van tafel en bed, een zodanige premievrije aanspraak op weduwenpensioen als de gewezen deelnemer heeft behouden bij het eindigen van zijn deelneming; iedere andere aanspraak op weduwenpensioen welke uit de deelneming aan de pensioenregeling zou kunnen voortvloeien, vervalt. De vrouw ontvangt op haar verzoek een bewijs van haar aanspraak. Het vierde lid van artikel 8 van deze wet is van overeenkomstige toepassing. 4. De vrouw met wie een gepensioneerde die deelnam aan een pensioenregeling welke wordt uitgevoerd door een bedrijfstakpensioenfonds of verzekeraar op de transitiedatum is gehuwd, verkrijgt in geval van beëindiging van het huwelijk door echtscheiding of ontbinding na scheiding van tafel en bed, een zodanige premievrije aanspraak op weduwenpensioen als de gepensioneerde heeft behouden bij het ingaan van het ouderdomspensioen; iedere andere aanspraak op weduwenpensioen welke uit de deelneming aan de pensioenregeling zou kunnen voortvloeien, vervalt. De vrouw ontvangt op haar verzoek een bewijs van haar aanspraak. Het vierde lid van artikel 8 van deze wet is van overeenkomstige toepassing. 5. De man met wie een gewezen deelnemer aan een pensioenregeling op de transitiedatum is gehuwd verkrijgt in geval van beëindiging van het huwelijk door echtscheiding of ontbinding na scheiding van tafel en bed, een zodanige premievrije aanspraak op weduwnaarspensioen als de gewezen deelnemer heeft verkregen bij het eindigen van zijn deelneming; iedere andere aanspraak op weduwnaarspensioen welke uit de deelneming aan de pensioenregeling zou kunnen voortvloeien, vervalt. De man ontvangt op zijn verzoek een bewijs van zijn aanspraak. Het vierde lid van artikel 8 van deze wet is van overeenkomstige toepassing. Treedt in werking om 00.00 uur in Bonaire, Sint Eustatius en Saba en om 06.00 uur in het Europese deel van het Koninkrijk.

Rechtspraak bij dit artikel