Naar hoofdinhoud

Titel I › Hoofdstuk III

Artikel 45

Artikel 45

Onderdeel van Onteigeningswet BES· Ruimtelijke ordening en milieu

Deze tekst geldt sinds 10 oktober 2010

1. Bij onteigening van een verhuurd goed wordt door de onteigenende partij aan de huurder, wiens huurtijd nog één of meer jaren moet duren, tot schadeloosstelling een som betaald, gelijkstaande aan de huurprijs van twee jaren. 2. Indien nochtans de te velde staande vruchten, of de onkosten welke de huurder aantoont, gedurende de laatste twee jaren aan de onroerende zaak te hebben besteed, meer belopen dan de tweejarige huurprijs wordt de waarde dier vruchten of het bedrag dier onkosten als schadeloosstelling betaald. 3. Indien de huurder minder dan een jaar doch meer dan een maand huur had, wordt hem de huurprijs van één vol jaar of de waarde der te velde staande vruchten, zo die meer beloopt, vergoed. 4. Indien de huurder een maand of minder huur had, of indien de verhuring of haar verlenging na de nederlegging ter inzage, bedoeld in artikel 13 heeft plaats gehad, wordt door de onteigenende partij aan de huurder geen schadeloosstelling betaald, maar heeft deze een vordering tot schadevergoeding tegen de verhuurder, ten ware anders mocht zijn overeengekomen. Treedt in werking om 00.00 uur in Bonaire, Sint Eustatius en Saba en om 06.00 uur in het Europese deel van het Koninkrijk.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel