Naar hoofdinhoud

Boek 1 › Titel 8 › Afdeling 2

Artikel 146

Artikel 146

Onderdeel van Burgerlijk Wetboek BES Boek 1· Personen- en familierecht

Deze tekst geldt sinds 10 oktober 2010

1. Echtgenoten of aanstaande echtgenoten mogen bij huwelijkse voorwaarden aan elkander, of een van beiden aan de andere, giften doen. 2. Deze giften kunnen tot onderwerp hebben tegenwoordige en bij de akte nauwkeurig omschreven goederen, of de gehele of gedeeltelijke nalatenschap; onder een gift van de gedeeltelijke nalatenschap is begrepen de gift van een of meer bepaalde goederen uit de nalatenschap. 3. Deze giften kunnen slechts worden herroepen, wanneer de begiftigde in gebreke is de hem bij de gift opgelegde verplichtingen na te komen. 4. Deze giften zijn van waarde zonder uitdrukkelijke aanneming door degene aan wie zij gedaan zijn. 5. Zij kunnen plaatshebben onder voorwaarden welker uitvoering van de wil van de schenker afhangt. 6. De giften van tegenwoordige en bepaaldelijk omschreven goederen zijn niet onderworpen aan de voorwaarde van overleving van de begiftigde, tenzij die voorwaarde uitdrukkelijk mocht zijn gemaakt. Treedt in werking om 00:00 uur in Bonaire, Sint Eustatius en Saba en om 06:00 uur in het Europese deel van Nederland.

Rechtspraak bij dit artikel