Naar hoofdinhoud

Boek 1 › Titel 19

Artikel 435

Artikel 435

Onderdeel van Burgerlijk Wetboek BES Boek 1· Personen- en familierecht

Deze tekst geldt sinds 10 oktober 2010

1. De rechter die het bewind instelt, benoemt daarbij of zo spoedig mogelijk daarna een bewindvoerder. In alle andere gevallen geschiedt de benoeming door de rechter in eerste aanleg. De rechter vergewist zich van de bereidheid van de door hem te benoemen persoon. 2. Zo nodig kan een tijdelijke bewindvoerder worden benoemd. 3. De rechter volgt bij de benoeming van de bewindvoerder de uitdrukkelijke voorkeur van de rechthebbende, tenzij gegronde redenen zich tegen zodanige benoeming verzetten. 4. Tenzij het derde lid is toegepast, wordt, indien de rechthebbende is gehuwd of een andere levensgezel heeft, bij voorkeur de echtgenoot of de andere levensgezel tot bewindvoerder benoemd. Is de vorige zin niet van toepassing, dan wordt bij voorkeur een van zijn ouders, kinderen, broers of zusters tot bewindvoerder benoemd. Huwt de rechthebbende of verkrijgt hij een andere levensgezel, dan kan ieder van hen verzoeken dat de echtgenoot of andere levensgezel van de rechthebbende in de plaats van de tegenwoordige bewindvoerder wordt benoemd. 5. Handelingsonbekwamen, zij van wie één of meer goederen onder een bewind als bedoeld in deze titel zijn gesteld, en zij die in staat van faillissement verkeren, kunnen niet bewindvoerder worden. 6. Rechtspersonen met volledige rechtsbevoegdheid kunnen tot bewindvoerder worden benoemd. 7. De benoemde wordt bewindvoerder daags nadat de beschikking is verstrekt of verzonden, tenzij de beschikking een later tijdstip vermeldt. Treedt in werking om 00:00 uur in Bonaire, Sint Eustatius en Saba en om 06:00 uur in het Europese deel van Nederland.

Rechtspraak bij dit artikel