Naar hoofdinhoud

Boek 1 › Titel 6

Artikel 91

Artikel 91

Onderdeel van Burgerlijk Wetboek BES Boek 1· Personen- en familierecht

Deze tekst geldt sinds 10 oktober 2010

1. Indien een echtgenoot door afwezigheid of een andere oorzaak in de onmogelijkheid verkeert zijn goederen of de goederen der gemeenschap te besturen, of in ernstige mate tekortschiet in het bestuur van de goederen der gemeenschap, kan de rechter in eerste aanleg op verzoek van de andere echtgenoot aan deze het bestuur over die goederen of een deel daarvan met uitsluiting van de eerstgenoemde echtgenoot opdragen. De rechter kan bij de opdracht nadere regels stellen omtrent het bestuur en de vertegenwoordiging in de zin van het vierde lid. 2. De artikelen 86, tweede tot en met vierde lid, en 90, derde lid, zijn van overeenkomstige toepassing. 3. De rechter gelast de oproeping van beide echtgenoten en, zo de in het eerste lid eerstgenoemde echtgenoot een vertegenwoordiger heeft aangesteld, ook deze. 4. De echtgenoot aan wie het bestuur over goederen wordt opgedragen, is bevoegd tot vertegenwoordiging van de echtgenoot aan wie het wordt onttrokken, bij andere dan bestuurshandelingen met betrekking tot die goederen. Treedt in werking om 00:00 uur in Bonaire, Sint Eustatius en Saba en om 06:00 uur in het Europese deel van Nederland.

Rechtspraak bij dit artikel