**1.** De bevoegdheid tot het vestigen van een pandrecht op aandelen kan bij de statuten worden beperkt of uitgesloten. Voor zover het tegendeel niet volgt uit een voorziening als bedoeld in het tweede lid komen de aan het aandeel verbonden rechten toe aan de aandeelhouder.
**2.** Tenzij de statuten anders bepalen kan bij de vestiging of in een aanvullende akte tussen aandeelhouder en pandhouder worden bepaald dat de aan de aandelen verbonden rechten, al dan niet voorwaardelijk, geheel of gedeeltelijk toekomen aan de pandhouder.
**3.** Wordt pandrecht gevestigd met toepassing van het tweede lid van artikel 236 van Boek 3 en vervolgens een voorziening als bedoeld in het tweede lid van dit artikel getroffen in een aanvullende akte, dan is voor de geldigheid van die akte vereist dat artikel 210, tweede lid, overeenkomstige toepassing heeft gevonden. Ook artikel 210, derde, vierde en vijfde lid, vindt overeenkomstige toepassing.
**4.** In afwijking van het tweede lid van artikel 236 van Boek 3 kan pandrecht op aandelen op naam ook worden gevestigd zonder betekening of erkenning als bedoeld in artikel 210. Artikel 239 van Boek 3 vindt overeenkomstige toepassing.
Treedt in werking om 00:00 uur in Bonaire, Sint Eustatius en Saba en om 06:00 uur in het Europese deel van Nederland.
Boek 2 › Titel 6 › Afdeling 2
Artikel 213
Artikel 213
Onderdeel van Burgerlijk Wetboek BES Boek 2· Ondernemingspraktijk
Deze tekst geldt sinds 10 oktober 2010