**1.** Op verzoek van het openbaar ministerie of een belanghebbende kan een bestuurder door de rechter worden ontslagen indien:
hij iets doet of nalaat in strijd met de bepalingen van de wet of de statuten;
naar het oordeel van de rechter uit het in artikel 54, zesde lid, bedoelde rapport blijkt dat de bestuurder zich schuldig heeft gemaakt aan kennelijk onbehoorlijk bestuur of dat zijn optreden als zodanig aan een behoorlijk functioneren van het bestuur in de weg staat.
**2.** De rechter kan bepalen dat een door hem ontslagen bestuurder gedurende vijf jaar nadat het ontslag onherroepelijk is geworden geen bestuurder van een stichting kan zijn.
**3.** Ten aanzien van de stichting particulier fonds kan een verzoek als bedoeld in het eerste lid uitsluitend worden gedaan door het openbaar ministerie.
Treedt in werking om 00:00 uur in Bonaire, Sint Eustatius en Saba en om 06:00 uur in het Europese deel van Nederland.
Boek 2 › Titel 2
Artikel 55
Artikel 55
Onderdeel van Burgerlijk Wetboek BES Boek 2· Ondernemingspraktijk
Deze tekst geldt sinds 10 oktober 2010