Naar hoofdinhoud

Boek 3 › Titel 8

Artikel 215

Artikel 215

Onderdeel van Burgerlijk Wetboek BES Boek 3· Goederenrecht

Deze tekst geldt sinds 10 oktober 2010

1. Komt de vruchtgebruiker de bevoegdheid tot gehele of gedeeltelijke vervreemding en vertering van aan het vruchtgebruik onderworpen goederen toe, dan kan de hoofdgerechtigde bij het einde van het vruchtgebruik afgifte vorderen van de in vruchtgebruik gegeven goederen of hetgeen daarvoor in de plaats getreden is, voor zover de vruchtgebruiker of zijn rechtverkrijgenden niet bewijzen dat die goederen verteerd of door toeval teniet gegaan zijn. 2. Bij de vestiging van het vruchtgebruik kunnen een of meer personen worden aangewezen, wier toestemming voor de vervreemding en de vertering nodig is. Staat het vruchtgebruik onder bewind, dan zijn de vervreemding en de vertering van de medewerking van de bewindvoerder afhankelijk. 3. Komt de vruchtgebruiker de bevoegdheid tot vervreemding en vertering toe, dan mag hij de goederen ook voor gebruikelijke kleine geschenken bestemmen. Treedt in werking om 00:00 uur in Bonaire, Sint Eustatius en Saba en om 06:00 uur in het Europese deel van Nederland.

Rechtspraak bij dit artikel