Indien de huurder van een huis of vertrek, na het eindigen van de huurtijd, bij schriftelijke overeenkomst bepaald, in het bezit van het gehuurde blijft, zonder dat zich de verhuurder daartegen verzet, wordt hij geacht het verhuurde op dezelfde voorwaarden te blijven behouden voor de tijd, welke bij algemeen verbindend voorschrift of plaatselijke keur geregeld is, of bij gebreke daarvan het plaatselijk gebruik medebrengt, en kan hij het verhuurde niet verlaten, noch daaruit gezet worden, dan na een tijdige opzegging, overeenkomstig de verordening, de keur of het plaatselijk gebruik gedaan.
Boek 7a › Titel Zevende › Afdeling 3 › Onderafdeling 1
Artikel 1602a
Artikel 1602a
Onderdeel van Burgerlijk Wetboek BES Boek 7a· Contracten, schade en aansprakelijkheid
Deze tekst geldt sinds 1 april 2021