**1.** De arbeider heeft recht op verlof voor de noodzakelijke verzorging in verband met ziekte van een persoon als bedoeld in het tweede lid.
**2.** Onder een persoon als bedoeld in het eerste lid, wordt verstaan:
de echtgenoot;
een kind tot wie de arbeider als ouder in een familierechtelijke betrekking staat;
een kind van de echtgenoot;
een pleegkind dat blijkens de basisadministratie personen, bedoeld in artikel 2 van de Wet basisadministraties persoonsgegevens BES, op hetzelfde adres woont als de arbeider en de arbeider als pleegouder dat kind verzorgt;
een bloedverwant van de arbeider in de eerste of tweede graad;
de persoon die, zonder dat er sprake is van een arbeidsrelatie, deel uitmaakt van de huishouding van de arbeider; of
de persoon met wie de arbeider anderszins een sociale relatie heeft, voor zover de te verlenen verzorging rechtstreeks voortvloeit uit die relatie en redelijkerwijs door de arbeider moet worden verleend.
**3.** Voor de toepassing van het tweede lid, onderdelen a en c, is artikel 1614ca, derde lid, van overeenkomstige toepassing.
**4.** Als pleegouder als bedoeld in het tweede lid, onderdeel d, wordt beschouwd de persoon die voldoet aan de regels die bij en krachtens artikel 18.4.7i van de Invoeringswet openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba, aan het pleegouderschap zijn gesteld.
**5.** Het verlof bedraagt in elke periode van 12 achtereenvolgende maanden ten hoogste twee maal de arbeidsduur per week. De periode van 12 maanden gaat in op de eerste dag waarop het verlof wordt genoten.
Boek 7a › Zevende titel a › Afdeling Derde
Artikel 1614cb
Artikel 1614cb
Onderdeel van Burgerlijk Wetboek BES Boek 7a· Contracten, schade en aansprakelijkheid
Deze tekst geldt sinds 1 januari 2026