**1.** Met het toezicht op de naleving van het bij en krachtens deze wet bepaalde zijn belast:
de bij artikel 184 van het Wetboek van Strafvordering BES aangewezen ambtenaren;
de douaneambtenaren.
**2.** De in het eerste lid bedoelde ambtenaren zijn bevoegd alle plaatsen, met uitzondering van woningen zonder de uitdrukkelijke toestemming van de bewoner, waar, naar zij redelijkerwijs kunnen vermoeden, in verband met de uitoefening van een bedrijf, wapenen aanwezig zijn, te betreden, voor zover dit redelijkerwijs voor de vervulling van hun taak met betrekking tot deze wet nodig is. Wordt hun de toegang geweigerd, dan verschaffen zij zich die desnoods met behulp van de sterke arm.
**3.** De in het eerste lid, onderdeel a, bedoelde ambtenaren hebben te allen tijde toegang tot alle plaatsen, waar, naar zij redelijkerwijze kunnen vermoeden, wapenen aanwezig zijn, en kunnen op die plaatsen ter inbeslagneming huiszoeking doen. Is de plaats een woning, tevens een woning of alleen door een woning toegankelijk, dan treden zij deze zonder de uitdrukkelijke toestemming van de bewoner niet binnen dan op algemene of bijzondere schriftelijke last van de officier van justitie, of op een bijzondere schriftelijke last van een hulpofficier van justitie. Van het binnentreden wordt door hen proces-verbaal opgemaakt, dat binnen twee maal vierentwintig uur aan degene, wiens woning is binnengetreden, in afschrift worden toegezonden.
Tekstplaatsing administratief gecorrigeerd in Stb. 2011/134.
Oorspronkelijk gepubliceerd in Stb. 2010/519, die abusievelijk is
gepubliceerd met de inhoud van Stb. 2010/568.
Treedt in werking om 00.00 uur in Bonaire, Sint Eustatius en Saba en om 06.00 uur in het Europese deel van het
Koninkrijk.
Artikel 13
Artikel 13
Onderdeel van Wapenwet BES· Openbare orde en veiligheidsrecht
Deze tekst geldt sinds 10 oktober 2010