**1.** Zodra de surséance een aanvang heeft genomen, kan de schuldenaar, met inachtneming van het bij artikel 218 bepaalde, aan arbeiders in zijn dienst, de dienstbetrekking opzeggen, met inachtneming van de overeengekomen of wettelijke termijnen, met dien verstande echter, dat in elk geval de dienstbetrekking kan worden geëindigd door opzegging met een termijn van zes weken of, indien de termijn, omschreven in artikel 1615 j, eerste lid van Boek 7A, van het Burgerlijk wetboek BES langer is dan zes weken, met inachtneming van die termijn.
**2.** Zodra de surséance een aanvang heeft genomen, behoeft bij opzegging der dienstbetrekking door arbeiders in dienst van de schuldenaar het bepaalde in artikel 1615 j, eerste lid van Boek 7A, van het Burgerlijk wetboek BES niet in acht te worden genomen. Van de aanvang der surséance af zijn het loon en de met de arbeidsovereenkomst samenhangende premieschulden boedelschuld.
**3.** Dit artikel is van overeenkomstige toepassing op agentuurovereenkomsten.
Treedt in werking om 00:00 uur in Bonaire, Sint Eustatius en Saba en om 06:00 uur in het Europese deel van het Koninkrijk.
Titel II › afdeeling Eerste
Artikel 229
Artikel 229
Onderdeel van Faillissementswet BES· Insolventierecht
Deze tekst geldt sinds 10 oktober 2010