**1.** Gedurende acht dagen na den dag der beschikking heeft, in geval van intrekking der surséance geweigerd is, hij, die het verzoek tot intrekking heeft gedaan, recht van hooger beroep tegen de beschikking van den rechter in eersten aanleg.
**2.** Het hooger beroep wordt ingesteld door indiening van eene memorie ter griffie van het gerecht in eerste aanleg, in het openbaar lichaam, waar de surséance is ingetrokken of de intrekking daarvan geweigerd is.
**3.** De griffier geeft hiervan ten spoedigste aan hen, die het verzoek tot intrekking hebben gedaan, den schuldenaar en de bewindvoerders schriftelijk kennis en zendt de terzake betrekkelijke stukken, waaronder een afschrift van de beschikking waarvan beroep, zoo spoedig mogelijk aan het Hof van Justitie.
**4.** Artikel 211 vindt overeenkomstige toepassing.
**5.** De beschikking van het Hof wordt door den griffier terstond medegedeeld aan de griffie van het gerecht in eerste aanleg, in het openbaar lichaam bedoeld in het tweede lid.
Treedt in werking om 00:00 uur in Bonaire, Sint Eustatius en Saba en om 06:00 uur in het Europese deel van het Koninkrijk.
Titel II › afdeeling Eerste
Artikel 233
Artikel 233
Onderdeel van Faillissementswet BES· Insolventierecht
Deze tekst geldt sinds 10 oktober 2010