Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk III › Titel 3 › Afdeling 3 › Paragraaf 2

Artikel 3.135

Tijdelijk ingevoerde welzijnsgoederen voor zeelieden

Onderdeel van Douane- en Accijnswet BES· Belastingrecht

Deze tekst geldt sinds 1 januari 2011

1. Vrijstelling van invoerrechten wordt verleend voor de invoer van welzijnsgoederen die bestemd zijn voor zeelieden aan boord van in het internationale verkeer varende schepen en: gebruikt worden aan boord van buitenlandse schepen of aan wal wordt gebracht om door de bemanning tijdelijk aan land te worden gebruikt gedurende een periode die niet langer is dan de aanlegperiode in de haven; of worden ingevoerd om tijdelijk te worden gebruikt in culturele of sociale instellingen. 2. Voor de toepassing van het eerste lid wordt verstaan onder: welzijnsgoederen: bij regeling van Onze Minister van Financiën aangewezen materiaal dat bestemd is voor de activiteiten van zeelieden op cultureel, educatief, recreatief, godsdienstig of sportief gebied; zeelieden: alle personen die aan boord van een schip worden vervoerd en die belast zijn met taken die verband houden met de werking of de dienst van dit schip op zee; culturele of sociale instellingen: ontmoetingscentra, clubs en recreatieruimten voor zeelieden, die worden beheerd door officiële instanties, of door godsdienstige of andere instellingen zonder winstoogmerk, alsmede plaatsen voor de eredienst waar regelmatig diensten voor zeelieden worden gehouden. 3. De vergunning dient te worden aangevraagd door de kapitein van het schip of door het hoofd van de culturele of sociale instelling. Treedt in werking om 00:00 uur in de openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba en om 05:00 uur in het Europese deel van Nederland.

Rechtspraak bij dit artikel