Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2 › Afdeling 2.15

Artikel 2.62

Artikel 2.62

Onderdeel van Uitvoeringsregeling Douane- en Accijnswet BES· Belastingrecht

Deze tekst geldt sinds 1 januari 2011

1. Behoudens het recht van visitatie zijn van de verplichting tot uitklaring uitgezonderd de schepen en luchtvaartuigen, die krachtens artikel 2.10, vierde lid, van de wet van inklaring zijn vrijgesteld. 2. Het eerste lid is niet van toepassing op schepen en luchtvaartuigen, indien ter zake van de uitvoer douaneformaliteiten gelden. 3. Indien een schip of luchtvaartuig niet aan uitklaring is onderworpen, wordt aan de gezagvoerder, op diens verzoek, door de inspecteur een verklaring verstrekt, gelijkluidend aan een duplicaat-vertrekpas. 4. Indien de uitklaring van een schip of luchtvaartuig buiten de openingstijden van de douanekantoren wordt verlangd, wordt aan dat verzoek voldaan. 5. Een binnengebracht schip of luchtvaartuig vertrekt niet zonder toestemming van de inspecteur uit de haven onderscheidenlijk de luchthaven,. Treedt in werking op het tijdstip waarop de Douane- en Accijnswet BES in werking treedt. Treedt in werking op het tijdstip waarop de Douane- en Accijnswet BES in werking treedt.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel