Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2 › Paragraaf 1

Artikel 2:5

Vakantiebijslag

Onderdeel van Algemeen inkomensbesluit socialezekerheidswetten· Arbeidsrecht en sociaal-zekerheidsrecht

Deze tekst geldt sinds 1 januari 2022

1. In afwijking van de artikelen 2:2, 2:3 en 2:4 wordt vakantiebijslag, vakantiebon of een aanspraak die naar aard en strekking daarmee overeenkomt niet als inkomen uit arbeid of als overig inkomen beschouwd. 2. Indien over het inkomen uit arbeid of overig inkomen geen aanspraak op vakantiebijslag bestaat, wordt van dit inkomen slechts in aanmerking genomen: 100 x B / (100 + A) waarbij: A staat voor het percentage van de vakantiebijslag, bedoeld in artikel 15, eerste lid, van de Wet minimumloon en minimumvakantiebijslag; en B staat voor het inkomen. 3. Het tweede lid is van overeenkomstige toepassing indien de vakantiebijslag wordt betaald als onderdeel van het periodieke loon of als onderdeel van een arbeidsvoorwaardenbedrag.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel