Naar hoofdinhoud

§ 3

Artikel 5

Artikel 5

Onderdeel van Verordening PT algemene heffing groenten en fruit 2011· Agrarisch recht

Deze tekst geldt sinds 3 juni 2012

1. Aan de ondernemer die handelt in groenten en fruit, wordt de heffing opgelegd naar de grondslag “aankoopwaarde handel”. 2. Geen heffing wordt opgelegd over aangekochte groenten en fruit die zijn verkocht aan consumenten voor hun persoonlijke behoefte, tenzij de ondernemer dit aan consumenten verkochte product: heeft aangekocht van telers, al dan niet via een afzetorganisatie of een bemiddelaar, of uit het buitenland aankoopt. 3. Indien groenten en fruit van buiten de Europese Unie zijn aangekocht wordt voor “aankoopwaarde handel” gebruik gemaakt van de CIF-waarde. 4. Voor de ondernemer die handelt in groenten en fruit of die groenten en fruit bewerkt, bedraagt de heffing 0,014% van de “aankoopwaarde handel”. 5. In afwijking van het eerste lid, wordt de heffing voor de handel in uien opgelegd over het aantal aangekochte netto kilogrammen. De heffing wordt uitgedrukt in euro per kg uien en bedraagt € 1,15 per 100.000 kg. 6. Het eerste en tweede lid van dit artikel zijn van overeenkomstige toepassing op de afzetorganisatie/bemiddelaar die producten voor eigen rekening en risico verhandelt.

Rechtspraak bij dit artikel