Naar hoofdinhoud

Artikel 1

Artikel 1

Onderdeel van Beschikking Vriendenloterij 2011· Bank- en effectenrecht, financiering

Deze tekst geldt sinds 1 augustus 2011

In deze beschikking wordt verstaan onder: de wet: de Wet op de kansspelen; het besluit: het Kansspelenbesluit; de staatssecretaris: de Staatssecretaris van Veiligheid en Justitie; de vennootschap: Vriendenloterij N.V., gevestigd te Amsterdam; de holding: Holding Nationale Goede Doelen Loterijen N.V., gevestigd te Amsterdam; de stichting aandelen: Stichting Aandelen Nationale Goede Doelen Loterijen, gevestigd te Amsterdam; begunstigden: de overeenkomstig artikel 13, derde lid, toegelaten instellingen; Vriendenloterij: een kansspel als bedoeld in artikel 1, onder a, van de wet, zijnde een loterij waarbij door de onderscheidene deelnemers wordt aangegeven aan welke begunstigde 50% van hun inleg ten goede dient te komen, dan wel waar de deelnemers hun inleg ten goede laten komen aan de door de vennootschap voorgestelde begunstigden. De Vriendenloterij wordt gespeeld als de ‘Vriendenloterij’ waarvan de deelnemers meedoen middels aan hen toegekend lotnummer, waarbij het mobiele nummer van de deelnemer beginnend met 06 dan wel een fictief toegewezen nummer, aangevuld met twee letters, deel uitmaakt van het lotnummer; sponsorcertificaat: deelnemingsbewijs aan de Vriendenloterij, dat werd verstrekt aan degene die een terug te vorderen bedrag van € 453,78 aan de vennootschap heeft voldaan. Vanaf 1 mei 1999 is deze deelnamemogelijkheid beëindigd; toegevoegd spel: een gelegenheid als bedoeld in artikel 1, onder a, van de wet, waaraan de deelnemers aan de Vriendenloterij kunnen deelnemen middels door de vennootschap om niet verstrekte deelnemingsbewijzen; het college: het College van toezicht op de kansspelen als bedoeld in artikel 33 van de wet.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel