Met een groot of klein Rijnpatent zoals bedoeld in artikel 20.03, eerste lid, mag tot aan het einde van de geldigheidsduur, uiterlijk echter tot en met 17 januari 2032, gevaren worden op binnenwateren van maritieme aard zoals bedoeld in artikel 13.04.
Als het groot of klein Rijnpatent zoals bedoeld in artikel 20.03 wordt ingewisseld, wordt het nieuwe Rijnpatent meteen afgegeven met de specifieke vergunning voor het bevaren van binnenwateren van maritieme aard zoals bedoeld in artikel 13.04.
Deel IV › Hoofdstuk 20
Artikel 20.07
Geldigheid van de specifieke vergunning voor binnenwateren van maritieme aard
Onderdeel van Reglement betreffende het scheepvaartpersoneel op de Rijn (RSP)· Vervoersrecht
Deze tekst geldt sinds 4 mei 2023