Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk I › Titel III › Afdeling 9

Artikel 134

Uitvoeren geschiktheidsonderzoek

Onderdeel van Wet primair onderwijs BES· Onderwijsrecht

1. Onze Minister kan op aanvraag van het bestuur een instelling erkennen als bevoegd tot het uitvoeren of onder zijn verantwoordelijkheid doen uitvoeren van het geschiktheidsonderzoek. Erkenning vindt plaats indien het bestuur in zijn aanvraag ten genoegen van Onze Minister aantoont dat de instelling het geschiktheidsonderzoek onafhankelijk, deskundig en betrouwbaar zal uitvoeren. Bij algemene maatregel van bestuur kunnen regels worden vastgesteld met betrekking tot de toepassing van de tweede volzin, waaronder regels over de behandeling en beoordeling van de aanvraag. Een erkende instelling heeft tevens de bevoegdheid tot het verstrekken van geschiktheidsverklaringen op grond van het geschiktheidsonderzoek en tot het doen van voorstellen over de noodzakelijke scholing en begeleiding, met inachtneming van artikel 138, tweede lid, onder c. 2. Ten behoeve van de behandeling van aanvragen om erkenning kan Onze Minister een bij ministeriële regeling te bepalen bijdrage verlangen van het bestuur van de instelling. 3. Onze Minister kan de erkenning intrekken indien de instelling, bedoeld in het eerste lid, naar het oordeel van Onze Minister het geschiktheidsonderzoek niet langer onafhankelijk, deskundig of betrouwbaar uitvoert. Door Stb. 2021/171 vernummerd tot art. 128. Artikel XI van Stb. 2021/171 bevat overgangsrecht m.b.t. deze wijziging. Voorheen art. 140. De wijziging is in werking getreden op 1 april 2022 (Stb. 2022/114). De wijziging wordt niet getoond, omdat het artikel nog niet in werking is getreden.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel