Het bevoegd gezag stelt de leerlingen in de gelegenheid op de school, binnen de schooltijden, godsdienstonderwijs of levensbeschouwelijk vormingsonderwijs te ontvangen. Van de tijd daaraan te besteden worden ten hoogste 120 uren per schooljaar meegeteld voor het aantal uren onderwijs dat de leerlingen krachtens artikel 10, vijfde lid, aanhef en onderdeel b, ten minste moeten ontvangen. Voor de leerlingen die dit onderwijs niet volgen, voorziet het bevoegd gezag in andere onderwijsactiviteiten op de school.
Hoofdstuk I › Titel II › Afdeling 2
Artikel 56 Wet primair onderwijs BES
Mogelijkheid godsdienstonderwijs of levensbeschouwelijk vormingsonderwijs
Onderdeel van Wet primair onderwijs BES· Onderwijsrecht
Deze tekst geldt sinds 1 augustus 2025
Bewaren kan ook zonder account
Verwijzingen
Houd art. 56 bij de hand
Met een gratis account kun je dit artikel bewaren, tekst markeren en jezelf overhoren. Dat werkt op je laptop en op je telefoon.
- Geen reclame
- Je markeringen blijven van jou
- Werkt op je telefoon