**1.** Het is verboden te handelen in strijd met artikel 21, eerste lid, van verordening nr. 1005/2008, de artikelen 3, tweede lid, van verordening nr. 640/2010, voor zover dit artikel betrekking heeft op wederuitvoer, en 6, tweede lid, van laatstgenoemde verordening, de artikelen 6, eerste, vierde en zesde lid en 7 van verordening nr. 1984/2003 en artikel 19, eerste lid, van verordening nr. 1035/2001.
**2.** De minister is de bevoegde autoriteit, bedoeld in artikel 7, eerste lid, van verordening nr. 640/2010, artikel 6, tweede en vierde lid, van verordening nr. 1984/2003 en artikel 19, eerste lid, van verordening nr. 1035/2001.
**3.** De uitvoerder van producten, bedoeld in artikel 21, eerste lid, van verordening nr. 1005/2008, dient het verzoek tot invulling van het vangstcertificaat of een kopie van het vangstcertificaat, bedoeld in dat artikellid, in bij de minister.
**4.** De uitvoerder van visserijproducten van de soorten, genoemd in artikel 2, onderdeel a, van verordening nr. 640/2010, artikel 3, onderdeel b en c, van verordening nr. 1984/2003 of artikel 3, onderdeel a, van verordening nr. 1035/2001, dient het verzoek tot waarmerking van het wederuitvoercertificaat, bedoeld in artikel 6, tweede lid, van verordening nr. 640/2010, artikel 6, tweede en vierde lid, van verordening nr. 1984/2003 onderscheidenlijk van het vangstdocument, bedoeld in artikel 19, eerste lid, van verordening nr. 1035/2001, in bij de minister.
**5.** De in het vierde lid bedoelde verzoeken gaan vergezeld van de documenten, bedoeld in artikel 6, tweede lid, van verordening nr. 640/2010, artikel 6, tweede lid, van verordening nr. 1984/2003 onderscheidenlijk artikel 19, eerste lid, van verordening nr. 1035/2001.
Hoofdstuk 7 › § 3
Artikel 139
Vangstcertificaten bij wederuitvoer
Onderdeel van Uitvoeringsregeling zeevisserij· Agrarisch recht
Deze tekst geldt sinds 23 juli 2011