De afmeting, bedoeld in artikel 2a, eerste lid, van de Visserijwet 1963, bedraagt:
voor blauwe marlijn een vorklengte van de onderkaak van 251 centimeter;
voor witte marlijn een vorklengte van de onderkaak van 168 centimeter.
Hoofdstuk 7c
Artikel 140q
Minimummaten
Onderdeel van Uitvoeringsregeling zeevisserij· Agrarisch recht
Deze tekst geldt sinds 26 november 2024