**1.** In afwijking van artikel 46a, eerste en derde lid, worden aanlandingen van ondermaatse tong, schol, kabeljauw en wijting niet in mindering gebracht op een voor het desbetreffende vissersvaartuig van die ondernemer geldend contingent, een in artikel 24 bedoelde hoeveelheid van de desbetreffende vissoort of een groepscontingent van een groep of producentenorganisatie waarvan de ondernemer lid is.
**2.** In afwijking van artikel 46a, tweede en derde lid, wordt voor aanlandingen van ondermaatse vis geen aanlandcontingent aangevraagd.
Hoofdstuk 2 › § 6
Artikel 46b
Uitzonderingen aanlandcontingent
Onderdeel van Uitvoeringsregeling zeevisserij· Agrarisch recht
Deze tekst geldt sinds 1 januari 2021