**1.** De toezichtautoriteit kan op aanvraag geheel of gedeeltelijk, al dan niet voor bepaalde tijd, ontheffing verlenen van:
de artikelen 2:3, eerste lid, 2:21, 2:22, 3:16 tot en met 3:18, 3:24, 3:33, 3:35, 3:36, 3:45, 3:46, 4:1, tweede lid, 4:4, tweede en derde lid, 4:5, 4:10, 4:11, 4:14, tweede lid, 4:31, 4:39, 5:4, 5:5, 5:6, 5:14, 5:19 en 5:22;
in bij of krachtens algemene maatregel van bestuur te bepalen gevallen: de krachtens deze wet gestelde regels.
**2.** Ontheffing wordt slechts verleend, indien de aanvrager aantoont dat de belangen die deze wet beoogt te beschermen, daardoor niet in het gedrang komen, dan wel dat de met de regels waarvan ontheffing wordt gevraagd, beoogde doeleinden anderszins kunnen worden bereikt.
**3.** Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen nadere regels worden gesteld met betrekking tot de voorwaarden waaronder ontheffing kan worden verleend.
**4.** De artikelen 2:5 tot en met 2:9, 2:12, 2:14, aanhef en onderdelen a, b, c, i en j, en 2:16 zijn van overeenkomstige toepassing.
Hoofdstuk 1 › § 5
Artikel 1:27
(ontheffing)
Onderdeel van Wet financiële markten BES· Bank- en effectenrecht, financiering
Deze tekst geldt sinds 1 januari 2015