De toezichtautoriteit verleent de vergunning, indien de aanvrager aantoont dat zal worden voldaan aan, voor zover op de betrokken financiële onderneming van toepassing, de bij of krachtens de artikelen 3:1 tot en met 3:6, 3:8 tot en met 3:24, 3:33, 3:34 en 3:44 tot en met 3:46 gestelde regels, alsmede:
voor beleggingsinstellingen: de bij of krachtens de artikelen 4:1 tot en met 4:5 en 4:10 gestelde regels;
voor houders van effectenbeurzen: de bij of krachtens de artikelen 4:15 en 4:16 gestelde regels;
voor kredietinstellingen, elektronischgeldinstellingen en geldtransactiekantoren: de bij of krachtens de artikelen 4:18 en 4:21 gestelde regels;
voor verzekeraars: de bij of krachtens de artikelen 4:25 tot en met 4:34 gestelde regels.
Hoofdstuk 2 › § 3
Artikel 2:11
(verlening van de vergunning)
Onderdeel van Wet financiële markten BES· Bank- en effectenrecht, financiering
Deze tekst geldt sinds 1 juli 2012