Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 8 › § 3

Artikel 8:22

(faillietverklaring op verzoek van DNB)

Onderdeel van Wet financiële markten BES· Bank- en effectenrecht, financiering

Deze tekst geldt sinds 1 juli 2012

1. De Nederlandsche Bank dient een verzoek tot faillietverklaring van de kredietinstelling of verzekeraar in, indien haar blijkt dat de betrokken onderneming een negatief eigen vermogen heeft en hetzij het met de noodregeling te bereiken doel is of niet meer kan worden verwezenlijkt, hetzij – indien niet tevoren de noodregeling werd uitgesproken – geen redelijk vooruitzicht meer bestaat dat het met de noodregeling te bereiken doel alsnog kan worden verwezenlijkt. 2. Bij de beoordeling van de omvang van het eigen vermogen van een verzekeraar met zetel in het buitenland worden uitsluitend de activa en passiva in aanmerking genomen die naar het oordeel van de Nederlandsche Bank behoren tot het vanuit de vestigingen in de openbare lichamen uitgeoefende verzekeringsbedrijf. 3. De faillietverklaring wordt uitgesproken ongeacht of de kredietinstelling of verzekeraar verkeert in een toestand van te hebben opgehouden te betalen. De eerste titel van de Faillissementswet BES is overigens van toepassing.

Rechtspraak bij dit artikel