Naar hoofdinhoud

Artikel 8

Belastingpakket 2012

Onderdeel van Circulaire Wijzigingen financiële arbeidsvoorwaarden per 1 januari 2012 ambtenaren sector Rijk· Arbeidsrecht en sociaal-zekerheidsrecht

Deze tekst geldt sinds 1 januari 2012

De op 1 januari 2012 in werking tredende belastingmaatregelen zijn opgenomen in twee wetsvoorstellen, namelijk ‘Belastingplan 2012’ (kamerstuk 33003) en ‘Overige fiscale maatregelen 2012’ (kamerstuk 33004). In de loop van 2011 is ook nog het wetsvoorstel ‘Fiscale verzamelwet 2011’ (kamerstuk 32810) ingediend, dat tevens op 1 januari 2012 in werking treedt en een aantal technische wijzigingen bevat. De voorstellen in het Belastingplan 2012 bevatten, behoudens de gebruikelijke aanpassingen van tarieven, voor de personeel- en salarisadministratie het kabinetsbesluit inzake het vitaliteitspakket dat in 2012 en 2013 gefaseerd wordt ingevoerd. Vanwege het vitaliteitspakket worden vier bestaande fiscale regelingen afgeschaft: De arbeidskorting voor ouderen (per 1 januari 2012); De doorwerkbonus (per 1 januari 2013); De spaarloonregeling (per 1 januari 2012); De Levensloopregeling (per 1 januari 2012, met overgangsmaatregel). Daarvoor in de plaats komen: De werkbonus voor 61-plussers (per 1 januari 2013); Vitaliteitssparen (per 1 januari 2013); Extra stimulering scholing (per 1 januari 2013). Het via de spaarloonregeling opgebouwde vermogen komt in principe vrij in 2012 maar de deelnemers kunnen hun tegoed ook laten staan. De tegoeden worden dan jaarlijks gedeeltelijk vrijgegeven. De levensloopregeling blijft vanaf 2012 alleen mogelijk voor deelnemers die op 31 december 2011 een saldo van € 3.000,00 of meer op hun levensloopregeling hebben staan maar er wordt geen levensloopverlofkorting meer opgebouwd. Deelnemers met minder dan € 3.000,00 aan levenslooptegoed, kunnen het tegoed in 2012 of 2013 opnemen voor verlof. Ze kunnen niet meer bijstorten in de levensloopregeling. Alle deelnemers aan de levensloopregeling kunnen in het jaar 2013 hun levenslooptegoed zonder belastingheffing omzetten in vitaliteitssparen. Voor meer informatie verwijs ik u naar de documentatie behorend bij de wetsvoorstellen en naar de informatie van de Belastingdienst en van het ministerie van SZW.

Rechtspraak bij dit artikel