Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 5 › Paragraaf 5.3

Artikel 5.19

Artikel 5.19

Onderdeel van Wet volkshuisvesting, ruimtelijke ordening en milieubeheer BES· Ruimtelijke ordening en milieu

Deze tekst geldt sinds 1 april 2015

1. Bij algemene maatregel van bestuur kunnen regels worden gesteld, inhoudende de verplichting voor het bevoegd gezag beperkingen of voorschriften, die nodig zijn ter bescherming van het milieu en waarvan de inhoud in die maatregel is aangegeven, aan te brengen onderscheidenlijk te verbinden aan de vergunningen voor inrichtingen die behoren tot een bij de maatregel aangewezen categorie. Bij de algemene maatregel van bestuur kan worden bepaald dat de daarbij gestelde regels slechts gelden in daarbij aangegeven categorieën van gevallen. 2. Artikel 5.2, eerste lid, is van overeenkomstige toepassing op de beslissing tot het vaststellen van een algemene maatregel van bestuur als bedoeld in het eerste lid. 3. Ten aanzien van bij het eerste lid aan te wijzen beperkingen en voorschriften zijn de artikelen 5.14, derde lid, eerste volzin, 5.15 tot en met 5.18 en 5.28, eerste en tweede lid, van overeenkomstige toepassing. 4. Bij de algemene maatregel van bestuur, bedoeld in het eerste lid, wordt bepaald in hoeverre het bevoegd gezag met betrekking tot daarbij aangegeven onderwerpen van bij de maatregel gestelde regels kan afwijken of nadere eisen kan stellen. Daarbij kan worden bepaald dat de bevoegdheid tot afwijken of tot het stellen van nadere eisen slechts geldt in bij de maatregel aangegeven categorieën van gevallen. 5. Bij de maatregel wordt voor de daarbij opgelegde verplichtingen het tijdstip aangegeven, waarop zij met betrekking tot de reeds verleende vergunningen moeten zijn uitgevoerd.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel