Bij de melding, bedoeld in artikel 19, tweede lid, onderdeel a, van het Loodsplichtbesluit 2021, verstrekt de kapitein van een schip de volgende gegevens:
naam, roepnaam, IMO-identificatienummer en MMSI-nummer van het schip;
de naam, het adres en het telefoonnummer van de agent, kapitein of exploitant van het schip;
de haven van bestemming en de vermoedelijke aankomsttijd bij het loodsstation indien het schip komende van zee onderweg is naar een Nederlandse haven of indien het schip vertrekt vanuit een haven, het tijdstip waarop en de locatie waar de loods wordt verwacht; en
alle overige voor de beloodsing van het betreffende schip relevante gegevens over het schip en de reis.
Treedt voor de zeehavengebieden Delfzijl-Eemshaven, Den
Helder-Harlingen-Terschelling, Amsterdam-IJmond,
Rotterdam-Rijnmond-Zuid-Holland-achterland en Scheveningen in
werking met ingang van 1 januari 2021. Treedt voor het zeehavengebied Scheldemonden, voor zover hoofdstuk
III van het Scheldereglement daarop niet van toepassing is, in
werking op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip waarop de
wijziging van de Scheepvaartverkeerswet en enige andere wetten in
verband met verdere flexibilisering van de loodsplicht en het
Loodsplichtbesluit 2021 in werking treedt voor het zeehavengebied
Scheldemonden, voor zover hoofdstuk III van het Scheldereglement
daarop niet van toepassing is.
Hoofdstuk 3 › Paragraaf 1
Artikel 11
Melding ten behoeven van beloodsing
Onderdeel van Regeling meldingen en communicatie scheepvaart· Vervoersrecht
Deze tekst geldt sinds 1 januari 2021