Deze paragraaf is niet van toepassing op geldelijke overmakingen die met behulp van een krediet- of debetkaart worden verricht, mits:
de begunstigde een overeenkomst met de betalingsdienstaanbieder heeft op grond waarvan de betaling voor de levering van goederen en de verrichting van diensten mogelijk is; en
bij de geldelijke overmaking een unieke identificatiecode is gevoegd die het mogelijk maakt deze geldelijke overmaking te herleiden tot de betaler.
§ 3
Artikel 3:2
(krediet- en debetkaarten)
Onderdeel van Regeling financiële markten BES 2012· Bank- en effectenrecht, financiering
Deze tekst geldt sinds 1 juli 2012