Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 10a › § 3

Artikel 10a:18

(uitkering vergoeding)

Onderdeel van Besluit financiële markten BES· Bank- en effectenrecht, financiering

Deze tekst geldt sinds 1 januari 2025

1. Tenzij contractueel is bepaald dat personen als bedoeld in artikel 10A:2, tweede lid, onderdeel b, in een andere verhouding gerechtigd zijn tot de deposito’s, ontvangen zij ieder een vergoeding ter grootte van een evenredig deel van het totaal van de gegarandeerde deposito’s. 2. De Nederlandsche Bank besluit zo spoedig mogelijk over het beschikbaar stellen van een vergoeding, doch in elk geval binnen 20 werkdagen na het tijdstip waarop de aanvraag tot vergoeding is ingediend. De vergoeding wordt beschikbaar gesteld in US dollar. 3. De Nederlandsche Bank kent de vergoedingen toe ten laste van de Stichting. 4. De Stichting maakt de toegekende vergoedingen onverwijld beschikbaar voor uitkering. 5. Uitkering vindt plaats op een door de Nederlandsche Bank te bepalen wijze. 6. Toegekende vergoedingen worden beschikbaar gesteld mits depositohouders geen gebruik hebben gemaakt en verklaren af te zien van het gebruik van hun bevoegdheden om hun vorderingen, voor zover deze voor vergoeding uit hoofde van het depositogarantiestelsel in aanmerking komen, te verrekenen. 7. De Nederlandsche Bank kan in gevallen waarin toepassing van de artikelen 10A:16, 10A:17 of 10A:18 leidt tot een onbillijkheid van overwegende aard, zo spoedig mogelijk na indiening van een aanvraag als bedoeld in artikel 10A:16 ten laste van het depositogarantiefonds besluiten tot het toekennen van een voorschot van ten hoogste USD 1000 aan een depositohouder die aannemelijk maakt een gegarandeerd deposito van ten minste het als voorschot gevraagde bedrag bij de betalingsonmachtige kredietinstelling te hebben.

Rechtspraak bij dit artikel