Naar hoofdinhoud

Paragraaf 2

Artikel 2.7

Vergaderingen

Onderdeel van Regeling beëindiging arbeidsovereenkomsten BES 2012· Arbeidsrecht en sociaal-zekerheidsrecht

Deze tekst geldt sinds 19 februari 2019

1. De voorzitter bepaalt de plaats en het tijdstip van een vergadering van de ontslagadviescommissie. Hij stelt de agenda vast en leidt de vergadering. 2. In een vergadering kunnen geen adviezen worden uitgebracht, indien niet ten minste één lid-vertegenwoordiger van de werknemers en één lid-vertegenwoordiger van de werkgevers aanwezig zijn. 3. Indien het in het tweede lid vermelde minimum aantal leden niet ter vergadering verschijnt, roept de voorzitter op korte termijn een nieuwe vergadering bijeen met dezelfde agenda, in welke vergadering adviezen kunnen worden vastgesteld ongeacht het aantal aanwezige leden. 4. Alle uit te brengen adviezen worden vastgesteld bij meerderheid van stemmen. Bij staking van de stemmen is de stem van de voorzitter doorslaggevend. 5. Wanneer een ontslagadviescommissie niet tot een eenstemmig advies komt, worden de verschillende standpunten aan de minister medegedeeld voor zover de leden van de ontslagadviescommissie daarom verzoeken. 6. Indien een lid tevens plaatsvervangend voorzitter is en bij afwezigheid van de voorzitter als zodanig optreedt, treedt hij niet tegelijkertijd op als lid van de ontslagadviescommissie.

Rechtspraak bij dit artikel