Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk III

Artikel CXVI

(Overgangsrecht advocatuur)

Onderdeel van Wet herziening gerechtelijke kaart· Procesrecht

Deze tekst geldt sinds 1 januari 2013

1. De algemene raad van de Nederlandse orde van advocaten wijst, na daaromtrent het gevoelen te hebben ingewonnen van de orden van advocaten in de arrondissementen zoals deze bestonden vóór het tijdstip van inwerkingtreding van artikel I, de personen aan die vanaf het tijdstip van inwerkingtreding van artikel I als deken of overige leden zitting hebben in de raden van toezicht, bedoeld in artikel 22, eerste lid, van de Advocatenwet, voor een termijn van ten hoogste drie maanden. Binnen die termijn geven de orden uitvoering aan artikel 22, tweede lid, van de Advocatenwet. 2. Archiefbescheiden van de orde van advocaten en de raad van toezicht in het hieronder in de linkerkolom genoemde arrondissement worden overgedragen aan de orde van advocaten onderscheidenlijk de raad van toezicht in het daarbij in de rechterkolom genoemde arrondissement, voor zover zij niet overeenkomstig de Archiefwet 1995 zijn overgebracht naar een archiefbewaarplaats. Arrondissement Alkmaar Arrondissement Noord-Holland Arrondissement Almelo Arrondissement Oost-Nederland Arrondissement Amsterdam Arrondissement Amsterdam Arrondissement Arnhem Arrondissement Oost-Nederland Arrondissement Assen Arrondissement Noord-Nederland Arrondissement Breda Arrondissement Zeeland-West-Brabant Arrondissement Dordrecht Arrondissement Rotterdam Arrondissement ’s-Gravenhage Arrondissement Den Haag Arrondissement Groningen Arrondissement Noord-Nederland Arrondissement Haarlem Arrondissement Noord-Holland Arrondissement ’s-Hertogenbosch Arrondissement Oost-Brabant Arrondissement Leeuwarden Arrondissement Noord-Nederland Arrondissement Maastricht Arrondissement Limburg Arrondissement Middelburg Arrondissement Zeeland-West-Brabant Arrondissement Roermond Arrondissement Limburg Arrondissement Rotterdam Arrondissement Rotterdam Arrondissement Utrecht Arrondissement Midden-Nederland Arrondissement Zutphen Arrondissement Oost-Nederland Arrondissement Zwolle-Lelystad Arrondissement Oost-Nederland 3. In afwijking van artikel 20, tweede lid, van de Advocatenwet blijft het college van afgevaardigden, bedoeld in artikel 19, eerste lid, van de Advocatenwet, samengesteld zoals deze was samengesteld op de dag voorafgaand aan de inwerkingtreding van artikel I voor een termijn van ten hoogste drie maanden. Binnen die termijn geven de orden van advocaten in de arrondissementen uitvoering aan artikel 20, eerste lid, van de Advocatenwet. 4. De raden van discipline, bedoeld in artikel 46a van de Advocatenwet, in onderscheidenlijk de ressorten Amsterdam, Den Haag en ’s-Hertogenbosch worden voor de toepassing van het bepaalde bij en krachtens de Advocatenwet aangemerkt als voortzetting van de raden van discipline in onderscheidenlijk de ressorten Amsterdam, ’s-Gravenhage en ’s-Hertogenbosch zoals deze bestonden voor het tijdstip van inwerkingtreding van artikel I. 5. Voor de toepassing van bepalingen inzake de behandeling van geschillen terzake van beslissingen van een hieronder in de linkerkolom genoemde raad van discipline die voor het tijdstip van inwerkingtreding van artikel I zijn genomen, worden deze beslissingen aangemerkt als beslissingen van de daarbij in de rechterkolom genoemde raad van discipline. Raad van discipline in het ressort Raad van discipline in het ressort Amsterdam Amsterdam Arnhem Arnhem-Leeuwarden ’s-Gravenhage Den Haag ’s-Hertogenbosch ’s-Hertogenbosch Leeuwarden Arnhem-Leeuwarden 6. De benoemingen van degenen die op de dag voorafgaand aan de inwerkingtreding van artikel I zitting hebben als plaatsvervangend voorzitter, lid-advocaat of plaatsvervangend lid-advocaat in de raad van discipline in het ressort Arnhem of in het ressort Leeuwarden worden van rechtswege gewijzigd in dezelfde benoeming bij de raad van discipline in het ressort Arnhem-Leeuwarden. 7. De zaken die op de dag voorafgaand aan de inwerkingtreding van artikel I aanhangig waren bij de raden van discipline in de ressorten Arnhem en Leeuwarden worden voor verdere behandeling overgedragen aan de raad van discipline in het ressort Arnhem-Leeuwarden. 8. Archiefbescheiden van de raden van discipline in de ressorten Arnhem en Leeuwarden worden overgedragen aan de raad van discipline in het ressort Arnhem-Leeuwarden, voor zover zij niet overeenkomstig de Archiefwet 1995 zijn overgebracht naar een archiefbewaarplaats. 9. De raad van discipline in het ressort Amsterdam blijft bevoegd de op het tijdstip van inwerkingtreding van artikel I aldaar aanhangige zaken af te doen die betrekking hebben op advocaten, kantoor houdende in de gemeenten Blaricum, Bussum, Hilversum, Huizen, Laren, Muiden, Naarden, Weesp en Wijdemeren. 10. Op de bevoegdheid van in de in het negende lid bedoelde gemeenten als advocaat kantoor houdende leden-advocaten, plaatsvervangende leden-advocaten en griffier ten aanzien van zaken die vóór het tijdstip van inwerkingtreding van artikel I aanhangig waren bij de raad van discipline in het ressort Amsterdam, blijft het recht zoals het gold vóór dat tijdstip van toepassing.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel