Naar hoofdinhoud

§ 3

Artikel 3

Artikel 3

Onderdeel van Suppletieregeling filminvesteringen Nederland· Cultureel recht

Deze tekst geldt sinds 1 januari 2013

1. Ten behoeve van de voortbrenging van een bioscoopfilm kan op grond van deze regeling aan de aanvrager een subsidie worden verleend die: maximaal 140 procent bedraagt van het bedrag dat door marktpartijen wordt geïnvesteerd in de filmkosten van een bioscoopfilm; en: maximaal 30 procent van de productiekosten bedraagt; en: niet meer bedraagt dan de in de onderstaande staffel van het Fonds opgenomen bijdrage, mits de producent in de periode van vijf kalenderjaren voorafgaand aan de subsidieaanvraag aantoonbaar hoofdverantwoordelijk is geweest voor het voortbrengen van tenminste één bioscoopfilm, die na première door 100.000 of meer personen is bezocht in de Nederlandse bioscoop. In het geval er op grond van deze regeling vanaf 1 januari 2011 eerder subsidie is verleend aan een of meerdere reeds in de bioscoop uitgebrachte bioscoopfilms waarvoor de producent als aanvrager verantwoordelijk was dan is het gemiddelde van het bioscoopbezoek aan de desbetreffende bioscoopfilm(s) en de bioscoopfilm met het hoogste publieksbereik uit de periode van vijf kalenderjaren voorafgaand aan de aanvraag bepalend voor de hoogte van de aan te vragen subsidie. De staffel op grond waarvan een subsidie aangevraagd kan worden is als volgt: bezoekers bezoekers Bijdrage Van Tot Maximum 100.000 – 150.000 : € 250.000,00 150.000 – 200.000 : € 400.000,00 200.000 – 250.000 : € 550.000,00 250.000 – 300.000 : € 750.000,00 300.000 – 350.000 : € 900.000,00 350.000 – en verder : € 1.000.000,00 2. Aan een bioscoopfilm waarvoor één of meer (Nederlandse) bestuursorganen en het Fonds op grond van een andere dan de onderhavige regeling een financiële bijdrage heeft verleend, kan op grond van deze regeling slechts een zodanig bedrag aan subsidie worden verleend, dat het totaal aan staatsteun verleende financiële bijdragen niet meer bedraagt dan 50 procent van de productiekosten. Overige richtlijnen voor het maximum van de totale bijdrage van het Fonds staan vermeld in het Financieel & Productioneel Protocol. 3. Indien na de indiening van de aanvraag en het financieringsplan, maar vóór de subsidieverlening, nieuwe financiële bijdragen worden verkregen, dan zal het Fonds die bijdragen in mindering brengen op de aangevraagde subsidie. Abusievelijk is een wijziging geformuleerd die niet kan worden doorgevoerd.

Rechtspraak bij dit artikel