Naar hoofdinhoud

§ 5

Artikel 8

Artikel 8

Onderdeel van Suppletieregeling filminvesteringen Nederland· Cultureel recht

Deze tekst geldt sinds 1 januari 2013

1. Aanvragen tot subsidieverlening op grond van deze regeling worden niet in behandeling genomen, indien: een aanvraag ter zake van dezelfde bioscoopfilm al eerder is gedaan of nog in behandeling is in het kader van deze of een andere regeling van het Fonds; of: de aanvraag per fax of per e-mail is ingediend; of: de aanvrager, of een daarmee op de voet van artikel 6, vijfde lid gelijk te stellen lichaam, een subsidieaanvraag in het kader van deze regeling voor twee andere bioscoopfilms heeft gedaan die nog (gedeeltelijk) in behandeling zijn en/of de aanvrager niet dezelfde rechtspersoon is als diegene, die in het kader van een andere regeling van het Fonds reeds subsidie voor realisering van dezelfde bioscoopfilm heeft ontvangen; de aanvrager of een daarmee op de voet van artikel 6, vijfde lid gelijk te stellen lichaam, of de producent, in de periode van vijf kalenderjaren voorafgaand aan de aanvraag toerekenbaar tekort is geschoten in de nakoming van één of meer verplichtingen verbonden aan eerdere subsidieverlening door het Fonds. 2. Aanvragen tot subsidieverlening, die aan de voorwaarden van deze regeling voor het in behandeling nemen van het verzoek en voor het verlenen van subsidie voldoen worden aangehouden, indien verlening van de subsidie zou leiden tot een overschrijding van het subsidieplafond, zoals bedoeld in artikel 4, en wel tot aan het moment waarop het Fonds weer beschikt over voldoende subsidiemiddelen om de gevraagde subsidie in haar geheel te verlenen, zonder dat die verlening dan zou leiden tot overschrijding van het subsidieplafond, zoals bedoeld in artikel 4. 3. Het Fonds stelt de aanvrager, wiens aanvraag zoals bedoeld in het tweede lid, is aangehouden, zo spoedig mogelijk in kennis van het beschikbaar komen van de subsidiemiddelen die noodzakelijk zijn om de aangevraagde subsidie te kunnen verlenen binnen de termijnen, zoals genoemd in artikel 9. 4. Bij de kennisgeving, zoals bedoeld in het vorige lid, stelt het Fonds de aanvrager in de gelegenheid om de aanvraag binnen 10 werkdagen schriftelijk aan te vullen met na indiening van de aanvraag gewijzigde gegevens. Indien de aanvrager deze gegevens binnen een termijn van 10 werkdagen verstrekt en de aldus aangevulde aanvraag voldoet aan de voorwaarden voor het in behandeling nemen van de aanvraag, wordt de aanvulling niet beschouwd als een aanvulling in de zin van artikel 7, vijfde lid en geldt de datum van de oorspronkelijke aanvraag als datum van ontvangst. 5. Indien een aanvraag, ingediend vóór 1 januari 2013, op grond van lid 2 wordt aangehouden dan wordt de aanvrager bij de kennisgeving als bedoeld in lid 4 tevens in de gelegenheid gesteld om de aanvraag in overeenstemming te brengen met de regeling, die per 1 januari 2013 van kracht is. De aanvrager krijgt hiervoor een termijn van 10 werkdagen. Abusievelijk is een wijziging geformuleerd die niet kan worden doorgevoerd.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel