**1.** De voorzitter kan in het belang van een goede uitoefening van zijn functie als voorzitter van de veiligheidsregio worden geschorst.
**2.** Een besluit tot schorsing bevat een aanduiding van het tijdstip waarop de schorsing ingaat en een zo nauwkeurig mogelijke aanduiding van de duur van de schorsing.
**3.** Onze Minister kan, in afwachting van een besluit tot schorsing, bepalen dat de voorzitter zijn functie niet uitoefent.
**4.** Een besluit als bedoeld in het derde lid vervalt indien niet binnen een maand een besluit tot schorsing is genomen.
Artikel 2
Artikel 2
Onderdeel van Besluit rechtspositie voorzitters veiligheidsregio’s· Openbare orde en veiligheidsrecht
Deze tekst geldt sinds 1 januari 2013