De minister vormt zich een oordeel over de kwaliteit van de taakuitoefening van de NIWO. Daarbij baseert hij zich onder meer op
de bevindingen voortvloeiend uit de in artikel 19, tweede lid, van de Kaderwet bedoelde voorzieningen;
de regelmatig door de NIWO gehouden klant- en medewerkerstevredenheidsonderzoeken;
de kernprestatie-indicatoren zoals bedoeld in artikel 4;
de jaarrekening, het jaarverslag, de accountantsverklaring en het verslag van bevindingen van de accountant.
§ 3
Artikel 5
Oordeelsvorming
Onderdeel van Beleidsregels sturing van en toezicht op de NIWO· Staats- en bestuursrecht
Deze tekst geldt sinds 1 januari 2013